Hergebruik van de site Moyen Âge (≈ 1125)
Middeleeuwse overblijfselen niet beschreven in de bronnen.
21 mai 1980
Registratie voor historische monumenten
Registratie voor historische monumenten 21 mai 1980 (≈ 1980)
Officiële bescherming van de archeologische site.
Aujourd'hui
Aujourd'hui
Aujourd'hui Aujourd'hui (≈ 2025)
Position de référence.
Geklasseerd erfgoed
Oppidum (Cd. D 711, 712, 352, 354-356, 855): vermelding in de volgorde van 21 mei 1980
Kerncijfers
Togirix - Monetair bedrag
Effigy op matrix gevonden ter plaatse.
Oorsprong en geschiedenis
Het Oppidum de Bar-sur-Aube, ook bekend als het Oppidum de Saint-Germaine, is een versterkte site van 10 hectare versperring type. Een tweede interne vesting isoleerde zijn noordelijke deel. Aan de Lingons toegeschreven, is het weinig onderzocht, maar ontdekkingen suggereren de aanwezigheid van necropolisen en een monetaire workshop, waaronder een monetaire matrix met Togirix efigy, gekoppeld aan de Sequanes. Deze elementen duiden op een actieve Gallische bezetting, met economische en begrafenisactiviteiten.
Onder het pappidum, onder de huidige stad Bar-sur-Aube, worden overblijfselen geassocieerd met Segessera, genoemd op de tafel van Puisinger. Deze tabel, een middeleeuwse kopie van een Romeinse kaart, getuigt van het strategische belang van de site tijdens de oudheid. Met zijn versterkingen en zijn monetaire workshop weerspiegelt L-oppidum de centrale rol van de opridas als plaatsen van macht, uitwisseling en verdediging onder de Galliërs.
Het gebouw werd op 21 mei 1980 als historische monumenten genoemd, waarin de waarde van het erfgoed werd erkend. De site, een eigendom gedeeld door het departement, de gemeente en de particuliere, behoudt tastbare sporen van de lingonne bezetting en daaropvolgende periodes. De inscriptie beschermt een zeldzaam archeologisch erfgoed, gekoppeld aan zowel de IJzertijd als het middeleeuwse hergebruik.
Beperkte opgravingen verduidelijkten niet de omvang van necropolisen of de omvang van de monetaire productie, maar de gevonden matrix bevestigt uitwisselingen tussen Lingons en Sequenes. Dit zeldzame type object illustreert de politieke en economische netwerken van de Gallische volkeren voor de Romeinse verovering. Het oppidum van de bar-sur-Aube blijft een belangrijke getuige van dit cruciale tijdperk.
De locatie van het oppidum, op een spoor uitkijkend op de Aube Valley, voldoet aan strategische criteria typisch voor de oppida's: controle van communicatieroutes en natuurlijke verdediging. De huidige toestand, hoewel gedeeltelijk bewaard gebleven, maakt het mogelijk om Gallische stedenbouw en vestingwerken te bestuderen. De overblijfselen van Segessera, in verband met de tafel van de Puisinger, onderstrepen ook de voortdurende bezetting tussen de Gallische en Gallische Romeinse tijdperken.