Eerste schriftelijke vermelding 1628 (≈ 1628)
Is van Bernard Brunet, consul.
1840
Landbouwverwerking
Landbouwverwerking 1840 (≈ 1840)
Bouw van een moderne westvleugel.
XVIIIe siècle
Naamsverandering
Naamsverandering XVIIIe siècle (≈ 1850)
Word *Cruzalet* via een Bretonse heer.
20 août 1976
Gedeeltelijke bescherming
Gedeeltelijke bescherming 20 août 1976 (≈ 1976)
Registratie gevels en daken (buiten de 19e vleugel).
12 mai 1998
Interne bescherming
Interne bescherming 12 mai 1998 (≈ 1998)
Inscriptie open haarden en trap toren.
Aujourd'hui
Aujourd'hui
Aujourd'hui Aujourd'hui (≈ 2025)
Position de référence.
Geklasseerd erfgoed
Gevels en daken, met uitzondering van de 19e-eeuwse vleugel (zaak D 904): inschrijving bij decreet van 20 augustus 1976 - Interieur van de oude vleugel, met inbegrip van schoorstenen en traptoren (Box D 904): inschrijving bij beschikking van 12 mei 1998
Kerncijfers
Bernard Brunet - Consul van Vic-Fezensac
Eigenaar in 1628, eerste geschreven spoor.
Gentilhomme breton (anonyme) - Eigenaar in de 18e eeuw
Geef zijn naam aan het kasteel.
Oorsprong en geschiedenis
Het kasteel van Pimbat-Cruzalet, gelegen in Vic-Fezensac in Gers, is een monument waarvan de bouw terug kan gaan tot de zestiende eeuw, hoewel de exacte datum onzeker blijft. Het belichaamt de defensieve en residentiële architectuur die kenmerkend is voor Gersoise huizen, met een ronde traptoren en kwaliteitshaarden. Zijn gedocumenteerde geschiedenis begon in 1628 toen hij behoorde tot Bernard Brunet, vervolgens consul van Vic-Fézensac.
In de 18e eeuw nam het kasteel de naam Cruzalet aan na de overname door een Bretonse heer. Tijdens de 19e eeuw onderging het grote transformaties, waaronder de omzetting in een boerderij en de bouw van een westelijke vleugel in 1840, gedeeltelijk ter vervanging van oude structuren. Ondanks deze wijzigingen, behoudt het kasteel opmerkelijke elementen zoals zijn gevels, zijn daken (met uitzondering van de 19e eeuwse vleugel), en zijn oude interieur, beschermd door decreten van 1976 en 1998.
Het monument illustreert de evolutie van seigneurhuizen in landelijke gebieden, van een defensieve en residentiële functie tot landbouwgebruik. De spiraalvormige trap, versierde haarden en architectonische indeling maken het een waardevol getuigenis van de lokale geschiedenis, ondanks een gedocumenteerde geografische locatie met gemiddelde nauwkeurigheid (niveau 6/10).